of:
home
zoeken
spoorkaart
spoorlijnen
tijdlijn
typen stations
reisplanner
nieuws
agenda
te koop
bronnen
links
literatuur
FAQ
contact
gastenboek
inloggen
overig
© disclaimer

P.J.H. Cuypers

(1827 - 1921)

Petrus Josephus Hubertus Cuypers wordt op 16 mei 1827 geboren te Roermond als negende en jongste kind van Joannes Hubertus Cuypers (1769 - 1858) en Maria Joanna Bex (1781 - 1874). Het geslacht Cuypers is oorspronkelijk afkomstig uit Vlodrop maar woont al vanaf het midden van de 18e eeuw in Roermond. De familie geeft vaker blijk van een artistieke aanleg.

Pierre krijgt zijn opleiding aan het Stedelijk College te Roermond en vertrekt in 1844 naar Antwerpen om er aan de Kunstacademie architectuuur te studeren. Cuypers is een goede leerling. In 1849 slaagt hij en behaalt de Prix d'Excellence. Hij keert terug naar zijn geboortestad. Al gauw krijgt hij opdracht om de Munsterkerk te restaureren en hij wordt in 1851 benoemd als stadsarchitect. In hetzelfde jaar bouwt hij het woonhuis aan de Swalmerstraat 49 in neogotische stijl. Deze stijl is kenmerkend voor Cuypers. Cuypers vindt het belangrijk om de constructie van een gebouw goed te laten zien en kiest dan ook voor baksteenbouw.

In 1852 richt Pierre Cuypers samen met textielfabrikant en handelaar in kerkbenodigdheden Fran├žois Stoltzenberg en met beeldhouwer Eduard Fr. Georges de 'ateliers voor gewijde beeldhouwkunde' op. In 1853 begint de bouw van een groot complex aan de toenmalige Maastrichterweg te Roermond. In dit gebouw zijn de woonhuizen van de familie Cuypers en van de familie Stoltzenberg gevestigd geflankeerd door de werkplaatsen, de "Ateliers voor Religieuze Kunst". Cuypers is als architect verantwoordelijk voor de bouw en restauratie van veel kerken in Nederland. Het atelier van Cuypers & Stoltzenberg geniet dan ook landelijke bekendheid. Het terrein achter het gebouw is bestemd voor de opslag van hout en steen en reikt tot aan de Roer. In dit gebouwencomplex is momenteel het Stedelijk Museum Roermond gevestigd.

Cuypers introduceerde met zijn kerken rond 1850 de neo-gotiek in Nederland. Hij bouwde zes kerken in Amsterdam, waarvan er ondertussen drie gesloopt zijn: de Willibrorduskerk aan de Amsteldijk, de Nicolaas en Barbara aan de Da Costakade en de Magdalenakerk in de Spaarndammerstraat zijn in de loop der jaren afgebroken. De Posthoorn in de Haarlemmerstraat, de Vondelkerk in de Vondelstraat en de Dominicuskerk in de Spuistraat zijn aan de sloophamer ontsnapt. De Posthoorn en de Vondelkerk worden beiden niet meer als kerk gebruikt.

Ook in de wereldlijke gebouwen van Cuypers overheerst de neo-gotiek, zij het met neo-renaissance invloeden. Dit is vooral te zien aan het Rijksmuseum (1876/85) en het Centraal Station (1882/89), waaraan ook A.L. van Gendt heeft meegewerkt. Verder bouwde hij een aantal woonhuizen in de Vondelstraat, in een vrij sobere stijl: nr. 3-7 (Vondelhoven); nr. 36-40; nr.75 (Nieuw Leyerhoven) en zijn eigen woonhuis op nr. 77-79.

In 1906 bouwde hij aan de zuidzijde van het Rijksmuseum de Nachtwachtzaal. In 1911, hij was toen 84, ontwierp hij nog de gevels voor het politiebureau, Oudezijds Achterburgwal 185 (naast het Spinhuis). Het gebouw wordt nu gebruikt door de Universiteit van Amsterdam. Daarnaast heeft hij gewerkt aan de wederopbouw van kasteel "De Haar" in Haarzuilens.

Ontworpen stations door P.J.H. Cuypers

1882 Amsterdam Centraal stationsgebouw Nog aanwezig